nov 02, 2008

dt-fouten

Hoewel ik het probeer te vermijden en het koud en warm krijg als ik er vroeg of laat, bij het nalezen, wél één vind (lap had bijna vindt geschreven) zal ik mij af en toe toch nog wel eens bezondigen aan een dt-fout zeker. 

Hoe het komt dat we dt-fouten schrijven? Een eerste belangrijke hypothese heeft te maken met de werking van ons geheugen. Ons brein voert bij tal van activiteiten, bv. lezen maar ook spellen, allerhande programma's uit die in grote mate aan onze bewuste aandacht ontsnappen. Wie eenmaal heeft leren schrijven gebruikt meestal geen regels meer, maar de woorden springen, met hun spelling, volkomen geautomatiseerd op uit zijn geheugen. Dat is handig, maar het kan problemen geven bij gelijkluidende maar verschillend gespelde werkwoordsvormen zoals houd-houdt, betaalt-betaald, vermelde-vermeldde. Van zulke paren dient zich het dwingendst die vorm aan die het sterkst in ons geheugen verankerd zit. Hoe vaker we een bepaalde vorm gebruikt hebben, hoe pregnanter die is, en dus ook hoe groter de kans dat we die opschrijven, ook als dat een fout zou opleveren.

Bij onderzoek aan de Universiteit Antwerpen (Fr. Daems, S. Frisson, D. Sandra) hebben we die hypothese over de werking van ons geheugen getest. Onze conclusie is dat het geheugen de schrijvers parten speelt. We schrijven meer dan 200 maal vaker wordt dan word. Wanneer we wat klinkt als /wort/ in ik word, word je of de imperatief word, willen gaan opschrijven dringt ons geheugen ons de vorm wordt op nog voordat we de kans hebben gehad door redenering tot de vorm word te komen. Als we dan niet aandachtig genoeg zijn en niet achteraf nalezen en corrigeren blijft de fout staan. Dat is iets dat heel vaak gebeurt als mensen e-mails of teksten op websites schrijven.

Maar de factor frequentie in de werking van het geheugen verklaart niet alle dt-fouten. Sommige dt-fouten ontstaan door fouten in de regeltoepassing. De regels lijken weliswaar zeer logisch, maar ze vergen van de gebruiker behoorlijk wat taalkundig inzicht, analyse- en abstractievermogen om de precieze syntactische functie te identificeren en de spelling van de daarbij horende werkwoordsvorm te berekenen. Het ziet ernaar uit dat tal van mensen de vereiste ontleedvaardigheden nooit voldoende onder de knie krijgen, gewoon omdat ze het vereiste niveau van abstractie nooit zullen verwerven. Bovendien speelt ook ons kortetermijngeheugen een storende rol. Het is bekend dat we bij het verwerken van taal, o.m. bij het schrijven, in ons kortetermijngeheugen (werkgeheugen) de onmiddellijk voorgaande woorden gedurende korte tijd, maximum twee seconden, bijhouden. Sommige dt-fouten ontstaan zo in de vorm van congruentiefouten zoals in: Het Nederlands is tevens ook door het Fries beïnvloedt. Hier heeft de schrijver het werkwoord wellicht verbonden met de direct voorafgaande woordgroep het Fries in plaats van met het al vervagende woord is, wat erop wijst dat de beperktheid van het kortetermijngeheugen de schrijver op het verkeerde been kan zetten.

Rest ons de vraag: is dt-fouten schrijven erg? Sinds de 19e eeuw wordt het schrijven van dt-fouten vaak bestempeld als een uiting van onzorgvuldigheid, slordigheid, ongeschooldheid, gebrek aan cultuur of zelfs domheid. De regels heten immers strikt logisch te zijn, maar dat ook verstandige hooggeschoolden die fouten maken wijst erop dat er iets anders aan de hand is. Wij denken dat je niet kunt voorkomen dat je die fouten maakt. Je kunt wellicht wel je tekst achteraf op fouten nalezen en de fouten corrigeren. Helaas blijkt uit onderzoek dat dezelfde factoren die ervoor zorgen dat we die fouten maken er ook voor verantwoordelijk zijn dat we ze bij het nalezen wel eens over het hoofd zien.

Het fundamentele probleem met de werkwoordsspelling is dat het een artificiële constructie uit de tijd van de Verlichting is. Middeleeuwse vormen als hi voedet, hi voedede zijn ze om historische redenen (de band met de oudere vorm bewaren) gaan spellen als hij voedt, hij voedde - de oudere vorm met weggevallen e - in plaats van gewoon op te schrijven wat ze hoorden. Maar daar hebben ze wel ogenschijnlijk logische, in feite moeilijk hanteerbare regels voor moeten bedenken, die bovendien niet overeenstemmen met de manier waarop een schrijver werkelijk spelt.

Of die klok nog terug te draaien is lijkt weinig waarschijnlijk. Maar er is zeker alle reden om niet al te zeer aan een enkele dt-fout te tillen.

taalschrift.org

22:02 Gepost door a rainha in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: dt-fouten |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.